De auteur van dit stuk is een liefhebber van literatuur. Ook in de ontwikkelingen rondom literatuur. Dan ben je in podcastland niet op de juiste plaats; Nederlandstalige literatuurpodcasts zijn er amper. Sterker nog: als het gaat om cultuur, is het heel erg gefragmenteerd en dun gezaaid. Tenminste, ten aanzien van de actualiteit. Gelukkig heb je qua literatuur twee frequent terugkerende podcasts. Waaronder De Grote Vriendelijke Podcast. Waarover de auteur meestal tevreden is, behalve over de laatste aflevering.
In de jongste aflevering van de podcast – genaamd de Grote Vriendelijke Update – besloot cabaretière en beslisboommaker Katinka Polderman haar column met de actie van de Bibliotheek Utrecht om auteurs ruimte uit het hele land ruimte te geven om diens boek af te laten staan.
De actie liep sinds het najaar van 2025, en is trouwens niet uniek. Bibliotheek Utrecht heeft zelf de Amerikaanse voorbeelden en de Zweedse ‘Biblioteca Non Grata’ als inspiratiebronnen. Op lokale schaal ziet de auteur dit ook gebeuren. Bijvoorbeeld in Nieuwegein, en zelfs in Almere. Al is het verschil wel, dat de Utrechtse bieb ditmaal de mogelijkheid aan het hele land heeft geboden.
Professionaliteit
Poldermans kritiek rondom de boeken omvatte de professionaliteit. Ze stelde dat boeken normaliter redactierondes kennen, en ook langs een ontwerper gaan. Zij twijfelt of de boeken op Neude ook datzelfde proces meemaken. Dat is niet bekend, daarnaar zou meer onderzoek gedaan moeten worden. Toch kan ik me wel voorstellen wat Polderman bedoelt.
Een redactieronde is duur. Een corrector kan je algauw in de honderden euro’s kosten. Stel dat je dat niet beheerst, dan laat je het in het beste geval een andere ontwerper het boek maken. In het ergste geval doe je het zelf, maar dan met templates. Om de doodeenvoudige reden, dat vormgeving – ondanks AI – duur is. Een grafisch vormgever kost je al bijna 500 euro. Voor een auteur is het dan een keuze: veel geld steken in je boek, wetende dat je het niet 1-2-3 terugverdient? Of bezuinigen op de kosten, in ruil voor een heldere boodschap en eventuele mindere kwaliteit? Tja, de keuze is snel gemaakt …
Eén ding weet deze schrijver zeker: bij boeken van selfpubbers, ziet hij dat er inderdaad veel concessies zijn gedaan. In ieder geval op de vormgeving. Of het is saaie vormgeving, of het is AI-slop. Het kan liggen aan de auteur zelf, maar gezien het feit dat de mindere grafische kwaliteit bij meerdere selfpubbers terugkomt, lijkt dat onwaarschijnlijk.
Vervolg
Dus, terug naar de column: ja, daarin heeft Polderman gelijk. Maar waar gaat het mis: een paar assumpties die mevrouw Polderman maakt. Ten eerste maakt de schrijver de aanname dat er zat boeken zijn, zat goede boeken zelfs. Deze aanname werd ook gemaakt door Bas Heijne en in een verder verleden door een uitgever bij Radio EénVandaag.
Boekenschaarste
Ja, het klopt. Er komen jaarlijks 130.00-140.000 boeken op de markt. De grote uitgeverijen publiceren 43-46 miljoen boeken. Daartegenover staat inderdaad dat zij maar 1/5 van de verkoop bedragen, en veel titels maar 100 tot 200 keer over de toonbank gaan. Hoewel er geen cijfers voor reguliere uitgeverijen zijn, zijn deze absolute getallen veelzeggend. Dat je tegenwoordig via Amazon Kindle zelf kunt publiceren, helpt mee in het gevoel van oververzadiging. Maar er is geen boekenschaarste zoals mevrouw Polderman bedoelt. Er is vooral een tekort aan aandacht: mensen lezen al niet (en soms maandelijks hooguit enkele boeken), boekhandels hebben beperkt ruimte en media behandelen maar een fractie.
Bovendien, zijn er lacunes in de Nederlandstalige literatuur. Er is weinig ruimte voor formeel experiment, moeilijke of vernieuwende literatuur. Sciencefiction, fantasy en horror komen niet aan bod. Om nog maar te zwijgen over perspectieven van allochtonen (al zijn Kader Abdolah en Lale Gul steeds minder uitzonderlijk) of regionalen (lees: streekromans). Deze auteur vermoedt dat zijn debuutroman, De Speciale Mythische Operatie, wat Almere betreft, in juli 2024 om een van deze redenen door NDB Biblion is afgewezen.
Talentonwikkelingstraject
Polderman stelt voor, dat auteurs die echt zo goed zijn, maar aan een talentontwikkelingstraject moeten gaan beginnen. Deels ben ik het ermee eens. Die zijn er ook. Denk aan Qissa, de Kunstbende of – binnen het formele onderwijs – minoren binnen sommige hbo’s en wo’s. Het voordeel hiervan, is dat latent talent via de achterdeur alsnog naar voren komt.
Maar eigenlijk is het te gek voor woorden. Het hele symptoom van slecht vormgegeven (en misschien slecht geschreven) boeken, is een gevolg van het feit dat we literatuur als een markt zijn gaan beschouwen. En we de infrastructuur zeer slecht hebben ingericht voor auteurs (en voor andere kunstenaars). Leg maar uit, dat als je moet hardlopen of wielersport wil bedrijven, maar eerst zelf moet trainen. En maar een wielerploeg of (bij hardlopen) een sponsor wil vinden die je carrière moet sponsoren. Dat zou bij de wielersport helemaal een blamage moet zijn, omdat je sportinhoudelijk, conditioneel en materiaaltechnisch vaardig moet wezen. Gelukkig zijn er dan ook atletiek- en wielerverenigingen (en de bonden Atletiekunie, KNWU en NTFU).
En nee, niet iedereen hoeft de nieuwe Marianne Vos of Marius Kipserem te worden. Maar de basislaag is er tenminste.
Conclusie
Hoe sympathiek de Grote Vriendelijke Podcast ook is, Katinka Polderman reageert op een symptoom en kraakt vooral het symptoom af. Professioneel gezien valt het te begrijpen: niet elk boek is van een even goede kwaliteit. Maar je kunt je net zo goed afvragen, hoe het überhaupt komt dat er allerlei lapmiddelen worden ingezet om talentvolle schrijvers vooruit te helpen.
Dit is het probleem: kunst is thans, functioneel gezien, een marktsector geworden. En zelfs dat is geen excuus: anders waren Nederpop en Nederhop alsnog niet dik gegaan. Gelukkig is er één artistieke stroming waar je nog wel twee kanten hebt: de media. Met NOS, NTR en omroepverenigingen die zich ook aan commercieel onrendabele producties wagen.
Stof tot nadenken voor de letteren. Zo ook voor Katinka Polderman.