In de verkiezingen van 29 oktober jl. (en die van 18 maart!) is het niet gegaan over goed bestuur. De enige partij die het consequent behandelde, is uit de Tweede Kamer verdwenen. Voor het ideaal an sich is het wel jammer: Nederland laat wel veel liggen, ten aanzien van goed bestuur. Tenminste, dat betoogt de auteur van dit stuk. Met in het vijfde en het laatste deel: de gedecentraliseerde eenheidsstaat. 

Naast klassieke thema’s, zoals parkeren, zwembaden, bestemmingen voor cultuur of voor asiel, is het ook gegaan over de toekomst van de gemeenten. Twintig kilometer verderop, in Hilversum, staat het sowieso vast: Wijdemeren, wat al sinds 2002 bestaat, gaat per 1 januari a.s. op in Hilversum. Een jaar later gaan Best en Oirschot, na ruim twee eeuwen zelfstandigheid, weer samen. En ook in wat historici de ‘Liemers’ noemen, gaan stemmen op voor een fusie. Sterker nog: PRO (voorheen GL-PvdA) had na hertellingen nipt meer zetels dan de SP en de lokale partij, waardoor draagvlak (en een meerderheid) voor de fusie met (ooit) Liemerse gemeenten zoals Duiven en Westervoort, aanwezig is in de lokale raad. 

Dit is belangrijk om te benoemen, want dit is niet van gisteren. Al een halve eeuw is er sprake van afname in aantal gemeenten door de fusies. Afgezien van de fusie tussen Utrecht en Vleuten-De Meern in 2001, gaat het met name om het overhevelen van taken van het Rijk naar de gemeenten. Naast klassieke lokale taken gaat het ook over dossiers die ooit bij het rijk lagen. Die zijn er met name op sociaal vlak: wat werk en inkomen betreft, maar ook op het gebied van de zorg. Zo is de gemeente al sinds 2004 verantwoordelijk voor de bijstand en is het leeuwendeel van de regie over de zorg sinds 2015 een lokaal ding. Cultuur is al langer een gemeentelijke taak – dat was vooral voor de Tweede Wereldoorlog een middenveld-aangelegenheid. Het is in die zin begrijpelijk dat gemeenten gaan fuseren. Niet alle vacatures konden in Doesburg vervuld worden. En het redden van de bieb kost soms kunst-en-vliegwerk als je klein bent. Maar er kleven ook nadelen aan. En nee, dat gaat niet enkel over bereikbaarheid (al is dat soms ook een ding). 

Het probleem is dat het Rijk van twee walletjes eet. Het wil federaal opereren, zonder de verantwoordelijkheid van een federatie (zie Wmo). Anderzijds mogen gemeenten niet al te veel autonomie hebben (zie inkomenszekerheid). En weer anderzijds hebben gemeenten te veel beleidsvrijheid (zie Participatiewet en cultuurbeleid). 

Dat is logisch, want Nederland is een gedecentraliseerde eenheidsstaat. Het is, niet zoals Duitsland of België, een land waar de staat alleen verplichte taken landelijk regelt. Maar het is ook geen Frankrijk, waar alles één en ondelbaar is (met een sterke rol voor de staat). Gelukkig maar: je wil niet dat cultuurbeleid in Limburg gedicteerd wordt vanuit Den Haag. Of dat de provincie een laag is zoals een Duitse deelstaat, waar jij je als burger ook toe moet verhouden. 

Maar dat neemt niet weg dat er keuzes gemaakt moeten worden. Maak dan op zijn minst de keuze om gemeenten ook het geld te geven. En ook zwart-op-wit te zetten dat bepaalde taken in lokale handen zijn. 

Kies, Nederland, kies!